La Dolce Vita
Van de Bloemenrivièra tot Roma: de Italiaanse levenskunst
Na mijn reizen in Frankrijk vervolgde ik mijn route richting Italië. Een land waar ik al langer nieuwsgierig naar was. De taal, de cultuur, het eten, de geschiedenis en natuurlijk de landschappen die al generaties lang kunstenaars, reizigers en dromers inspireren.
Via de Côte d’Azur trok ik verder richting de Bloemenrivièra en uiteindelijk naar Rome.
Een route die me niet alleen langs indrukwekkende plekken bracht, maar ook kennis liet maken met iets waar de Italianen al generaties lang bekend om staan: de kunst van het leven.
Een vliegende start in Rome
In Rome verbleef ik vier weken in een katholiek klooster op een heuvel met uitzicht over de stad. Alleen dat gegeven klinkt achteraf al bijna romantisch.
’s Ochtends stapte ik op mijn fiets en daalde af richting het centrum. Langs eeuwenoude gebouwen, drukke pleinen en smalle straatjes die op iedere hoek een nieuw verhaal leken te vertellen. Overdag volgde ik lessen Italiaans bij een taalinstituut vlak bij Castel Sant’Angelo.
Dat begon direct met een interessant avontuur.
Voor vertrek had ik de taal zelfstandig bestudeerd, maar ik had nauwelijks praktijkervaring met spreken. Omdat ik graag word uitgedaagd, had ik bij de online toets hier en daar wat antwoorden opgezocht om een klas hoger uit te komen. Uit eerdere ervaringen wist ik dat in die klassen meer tempo zit waardoor je sneller leert.
Misschien had ik iets te veel mijn ‘best’ gedaan, bleek later. Waar ik bij eerdere instituten nog een mondeling gesprek kreeg om mijn niveau te bepalen, gebeurde dat hier niet.
Dus zat ik op mijn eerste lesdag ineens in een C1-klas. Tussen studenten die de taal al jaren beheersten. Ikzelf had nog nauwelijks een volledige zin uitgesproken.
Ik dacht nog even: ga ik hier verstandig aan doen?
Maar goed, tegelijkertijd wilde ik de uitdaging niet uit de weg gaan.
Met enige spanning liep ik vervolgens de trap op richting het klaslokaal…
Een week lang hield ik moedig stand.
Tot de coördinator vriendelijk naar me toe kwam met de suggestie dat ‘uno livello basso’ – of terwijl: een niveau lager – misschien toch een goed idee zou zijn.
Weer een ervaring rijker.
De schoonheid van Rome
Rome maakte indruk. Alles lijkt er tegelijk te bestaan: oud en nieuw, stilte en drukte, verval en leven. Je loopt er niet door een stad met geschiedenis, maar door geschiedenis die nog steeds leeft.
Op een ochtend in de vroege duisternis, om 5:00 uur, trok ik samen met een gids hardlopend door de stad. Rome was nog stil. De straten leeg, vele bekende hotspots nog in schemering. Zo konden we de stad langzaam zien ontwaken. Het gaf een mooi beeld van Rome in zijn meest verstilde vorm, voordat deze weer gevuld werd met de drukte van het dagelijkse leven.
Genua en de charme van de kust
Na Rome reisde ik verder naar Genua. Een stad die misschien minder bekend is dan Rome, Florence of Venetië, maar die mij enorm heeft verrast. Het blijft ook telkens weer een verrassing waar ik ga belanden. Dat maakt het een interessant avontuur. Bij de gastgezinnen weet ik namelijk nooit waar ik terechtkom. Het taalinstituut regelt dit voor me. Ik krijg kort ervoor de adresgegevens en geef aan wanneer ik arriveer. Verder vraag ik nergens naar en geef geen voorkeuren op.
Dit keer kwam ik terecht bij een gastgezin uit aristocratische kringen.
Hoge plafonds. Marmeren vloeren. Grote spiegels.
Enorme kroonluchters.
Een terras met uitzicht over de stad en in de verte de zee.
Alle facetten om te genieten.
Het gezin zelf daarentegen kende veel leed. De energie in het huis was zwaar.
Gelukkig maakte de sfeer van de stad indruk. Genua bezit een bepaalde ruwe elegantie. Minder gepolijst dan sommige andere Italiaanse bestemmingen, maar juist daardoor vol karakter.
En dan is er natuurlijk de kust. De kleurrijke dorpen richting Cinque Terre, gebouwd tegen de rotsen en uitkijkend over zee, vormen een landschap dat zeer de moeite waard is.
Dat komt voor mij het dichtst bij La Dolce Vita.
